Life according to Kas II

Intussen gaat het leven hier elke dag zijn gangetje. ’t Is te zeggen: de ene dag loopt alles gesmeerd en de andere dag word ik wel eens zot van mijn kinderen (en van mijzelf). Op zo’n dagen waarin ik mezelf een vervelende troela vind, helpt het wel bijzonder goed als ik Kasper de focus laat bepalen. Hij weet die zo heel gemakkelijk en natuurlijk op de juiste dingen in het leven te leggen.
Zoals daar zijnde:

1. Spinnenwebben

Op weg naar huis van de bibliotheek – alwaar hij kleurt, potloodjes laat vallen en luid OH OW roept terwijl ik boekjes kies – wandelden we samen over het brugje over de Velpe. Ik wees hem daar op een spinnenweb dat vol dauw hing en vertelde hem dat daar de spin woonde en dat die spin vliegjes had – daar hangen ze, kijk maar zie je’t? Ik dacht: dat vergeet ie zo wel weer want hij stond maar half te luisteren. Maar het moet toch indruk gemaakt hebben. Want sinds kort wijst hij ALTIJD en OVERAL de spinnenwebben aan: “Mama, kijk! Sien!” (hij bedoelt natuurlijk spin nvdr.) Dat betekent heel concreet dat onze wandelingen nu nog trager gaan nu er nog een extra item is waar we overal halt voor moeten houden. En dat betekent helaas ook dat ik dagelijks een update krijg van hoe het met de netheid van onze woonkamer gesteld is. (niet goed, nvdr.)

Processed with VSCO with c1 preset

2. De vrachtwagen op de markt

Elke woensdagvoormiddag is het hier in H. markt. Dat is heel gewoon, zou u zeggen, want dat is al jaren zo. MAAR DAT HEBT U MIS. Want sinds kort staat er een nieuwe kraam op de markt! We hadden al een viskraam, een kippenkraam, een fruit en groentekraam en een raar tentje waar een mevrouw vers bereide maaltijden verkoopt (kan en klaar! staat er op haar bordje). Maar het moet zowat een week of 6 geleden zijn dat er plots een kraam met BEENMODE zich bij op de markt parkeerdeBeenmode, dat zijn sokken basically, maar toch, wij hebben nu béénmode. Elke woensdagvoormiddag gaan wij naar de markt voor onze groenten en ons fruit, maar vooral – according to Kas – om te kijken naar de vravra (hij bedoelt vrachtwagen – er is nog wat werk aan zijn articulatie). Toen Kas net begon te spreken probeerde ik hem woordjes aan te reiken zoals ‘koek’, ‘koe’, ‘bedje’, ‘boek’ maar het eerste wat meneer wou zeggen was ‘vrachtwagen’. Het toonde toen al zijn fascinatie voor voertuigen en die is er niet minder op geworden. Dus elke week sta ik net zo lang naar die vrachtwagen te kijken als dat ik sta te wachten tot het mijn beurt is. En dat kan soms wel eens lang duren met al die meten die mij voor steken – dat kon je hier al eens lezen.

Processed with VSCO with c1 preset

3. De kapper

Kasper kon sneller praten dan dat hij haar had. Dat komt omdat hij snel kon praten en omdat hij heel traag haar kon hebben. Zo rond zijn eerste verjaardag kwamen zijn eerste 5 witte pluimen piepen. Intussen – bijna één jaar later – heeft hij al zo’n 25 pluimen verzameld. Ik kan nog steeds zijn schedel zien als ik naar zijn kruin kijk. Komt goed uit, kan je denken, dat spaart je een kappersbeurt. Maar zo werkt het niet want als Kas zijn pluimen niet wat bijgeknipt worden ziet hij eruit als iemand van Maaskantje.
We gingen onlangs terug met hem naar de kapper waar hij ook de allereerste keer ging. Dat is een kapper met een speciale kinderafdeling waarin waanzinnig veel speelgoed staat, een playstation met keiveel spelletjes is, waar er een soort van speleobox met glijbaan in het interieur verwerkt is én waar een filmpje wordt opgezet tijdens het knippen. Ik vermoed dat sommige van die kindjes daar met opzet veel vroeger komen omdat het in feite een mini-binnenspeeltuin is die zich als kapperszaak heeft vermomd. Maar die van ons, dat is een ander paar mouwen. Eerst met zijn grote bebber wat aanwijzen wat er allemaal van speelgoed is, dan als een echte baas kiezen welke film hij wil (DIE!DIE!DIE! terwijl hij naar ALLE films tegelijk wijst en dan gefrustreerd zijn omdat ik niet de juiste koos) en dan van zodra de schaar erbij komt jammeren en mopperen tot het voorbij is. Ik vond het wel erg voor hem, maar ik vond het ook wel grappig voor mij.
Alles is goed gekomen en meneer zijn 25 sprieten haar liggen weer netjes in model.

 

4. De trommel

Tja, wat kan ik zeggen, ik heb deze miserie uiteindelijk zelf veroorzaakt. Een hele tijd geleden kocht ik hem de muziekinstrumenten van Haba: een rasp, tikstokjes, een triangel en een trommel. Ik stak ze weg want hij was nog te klein. Maar plots was er grote drama – ik weet al niet meer waarom maar waarschijnlijk omdat hij zijn tut niet kreeg – en ik wilde hem afleiden. Ik toonde hem de muziekinstrumenten en zijn gezaag verdween als sneeuw voor de zon. Ik stak mezelf al een ‘best mom ever’ speld op totdat het mij begon te dagen wat voor een onheil ik mogelijks over ons gezin had afgeroepen. En mijn ergste vermoeden bleek te kloppen. Waar hij zijn ander geruisloos speelgoed (de blokjes, de puzzel, de kleurpotloden, na twintig minuutjes telkens beu is, kan hij werkelijk U-REN op die onnozele trommel blijven slaan. Hij weet hem ook altijd te vinden en het is de enige doos die hij zelf open krijgt. Bij alle andere perfect dezelfde dozen moet mama het altijd komen open doen, maar de trommel dat lukt uiteraard wél.
Onlangs heeft hij héél de cd “Hé hé” van Jan de Wilde meegetrommeld en dat album is toch een klein uur lang. Regelmatig staan wij dus te roepen tegen elkaar terwijl onze peuter van bijna 2 jaar met een stralende glimlach om ons heen wandelt en daarbij keihard op zijn trommel mokert. Soms moet ik daar keihard om lachen en soms wou ik dat ik mijn oren kon uitdoen.
En weet je wat nu het allerergste is? Mijn lief vond een drumset in hout met twéé trommels en een cimbaal aan EN WIJ OVERWEGEN WERKELIJK OM HEM DAT TE KOPEN VOOR ZIJN VERJAARDAG. Dat ouderschap, dat is toch echt iets héél bizar.

Processed with VSCO with c1 preset

Net wakker en al in full force. “Trom waai!” zegt ie. “Ja hoor schat, de trommel maakt lawaai!”, schreeuw ik terug. Hij kijkt me stralend aan – glimlach van oor tot oor – en knippert met zijn ogen telkens wanneer zijn stok de trommel raakt. En ik kijk naar hem en ik besef dat ik vergeten ben waar ik me ook alweer druk over maakte.

Advertenties

Life according to Kas

Mijn oudste zoon is ondertussen 20 maanden oud en wat mij betreft is het zijn beste leeftijd tot nu toe. Zijn bebber staat geen twee seconden stil, hij is pienter en hij heeft alles gezien. Bij momenten is dat behoorlijk vermoeiend – bijvoorbeeld wanneer hij in de auto in de mot heeft dat ik NIET van plan ben om langs het paard te rijden en hij rel schopt tot ik het wel doe. Maar door de band genomen is het heel fijn om mee te gaan in zijn wereld.
Ik sta er vaak zo van te kijken hoe die kleine protzak ervoor zorgt dat ik zoveel meer rond mij kijk en zoveel kleine dingen opmerk waar ik anders gewoon aan voorbij zou gaan. Ik wil niet zweverig doen, maar het is toch een heel schoon voordeel aan kinderen hebben: je mag alles om je heen opnieuw mee ‘voor het eerst’ zien. Elke dag zijn er zo wel nieuwe dingen die we samen ontdekken. Hier een greep uit het aanbod van de laatste dagen:

Kaarsen aansteken in de kerk

Een week of twee geleden wandelde ik op zondagmorgen met Kasper naar de bakker. Op onze weg naar daar passeren we de kerk en ik zag dat de deuren open stonden want over een kwartier zou de mis beginnen. Dat werd nog eens extra onderstreept door de kerkklokken. Wij wonen kort bij de kerk dus Kasper kent dat geluid heel goed. Zijn vingertje ging de lucht in – MAMA, KLOK (mijn kind roept als hij enthousiast is) en nogal impulsief ging ik met hem de kerk binnen. Het was daar stil, op de klassieke muziek na. Enkele kerkgangers zaten al klaar op de kerkstoelen. Kas kreeg van mij twee centjes die hij in het bakje mocht gooien: één voor een kaars voor hem en eentje voor zijn broer. Al fluisterend vertelde ik hem dat we in de kerk waren, dat je daar best stil bent omdat dat eerbiedig is en dat het fijn is als je een kaarsje voor iemand aansteekt want dat betekent dat je aan hem denkt. Kas stak flink de kaarsjes aan, liet zich gewillig terug in zijn buggy gespen, fluisterde de hele tijd erg flink van ‘ja’ en ‘nee’ als ik hem iets vroeg. Op weg naar buiten nam zijn enthousiasme het over en riep hij nog even DADA KLOK. Héérlijk! Sindsdien glippen we elke week voor de mis even binnen en dan mag Kas twee kaarsjes aansteken. Deze week was het voor Elias (die koos ik) en voor de poes (die koos hij).

IMG_1564

Zelf met de kar rijden in de winkel

Veel uitleg behoeft het niet want met de kar rijden dat is gewoon met de kar rijden. Ik ben overigens een heel slechte karrijder. Er draait altijd wel een wiel de verkeerde kant uit, ik gooi alles gewoon in mijn kar waardoor ze aan de kassa in de Colruyt hun ergernis amper kunnen verbergen en laatst reed ik tegen de hielen van een trage bomma (dat was echt per ongeluk). Maar Kas, die is geboren om met de kar te rijden. Sinds kort mag hij het helemaal alleen en hij glundert zo hard dat ze de winkelverlichting net zo goed kunnen uitdoen. Hij draaft de winkel door met zijn kar (hij stapt tegenwoordig niet meer, hij loopt), hij legt alles wat ik aanwijs in de kar en dan stopt hij 5 stappen verder om het eruit te halen en het er nog eens in te leggen, maar dan beter. Hij zet na het winkelen flink zijn kar terug bij de andere karren, aait de levensgrote plastieken leeuw die aan de inkom staat en roept DADA KAR.

Processed with VSCO with c1 preset

Alles wat te maken heeft met wawa

Kasper vindt wawa (water gelijk wij hier in Limburg zeggen) één van de beste dingen op aarde. Het is tof om wawa te drinken, maar veel toffer is het nog om wawa uit te gieten, rond te gooien en om te kappen. Wawa biedt tal van mogelijkheden. Je kan naar wawa kijken, je kan wawa voelen, je kan wawa proeven, je kan in wawa gaan liggen en je kan in wawa gaan staan. En het allerbeste: wawa is OVERAL. Hoeveel wawa er precies is, dat weet ik pas echt sinds Kasper er is. Wawa op de grond, in de goot, op de auto’s, in emmers, in rivieren, op kleren, op karren, in haren, in bekers, in glazen, in flessen, op struiken en takken, … Zei ik al dat wawa overal is? Alle spectaculaire dingen met water onthoudt hij trouwens heel precies. Eén keer ben ik met hem de auto gaan wassen en sindsdien zegt hij al van een kilometer op voorhand ‘wawa op auto’ als we bijna aan de carwash passeren.
Hij weet de verschillende manieren waarop je naar de rivieren en beken in onze buurt kan stappen en hij heeft het meteen in de gaten als ik met opzet een andere route pak zodat ik niet 40 minuten op een brug in de verte sta te kijken tot mijn kind klaar is met naar wawa te kijken. Uiteindelijk eindigt het meestal zo dat ik hem in de buggy zet en hij mij in onverstaanbare gewauwel uitscheldt voor rotte vis. DADA WAWA roept hij dan wat mistroostig nog net voor we de bocht om gaan.

 

 

Dieren en voertuigen

Overal waar we komen, heeft Kas – naast natuurlijk al het wawa – meteen gezien waar er dieren staan. Hetzelfde geldt voor tractors, vrachtwagen, auto’s, brommers, fietsen, … you name it. Hij wijst aan wat hij ziet en roept het nog even, gewoon voor de zekerheid: VAAP! (schaap) – PAAD! (paard) – TITUI (vliegtuig) – AUTO! – SLAK!
Plaatsen zijn voor hem verbonden aan de dieren en de voertuigen die ze daar in de aanbieding hebben. Als we gaan wandelen in het bos, dan roept ie VAAP omdat hij er daar ooit een zag. Al weken moet ik naar een lege wei wandelen met hem omdat daar de koe stond, maar het beest is intussen spoorloos verdwenen. De poort van de wei staat open – geen idee waar de koe naartoe is. Elke keer als we in de buurt zijn moeten we naar daar gaan zodat hij kan kijken of ze al terug is. “Koe’s weg” zegt hij en hij toont mij zijn lege handen. “Ja, schat, ik zie het.”
Net voor ik de buggy terug richting huis draai roept ie van “PAK” (kip gelijk ze hier in Limburg zeggen). Hij had blijkbaar onthouden dat in de tuin van een huis wat verderop kippen zitten. En dus worden de kippen toegevoegd als een nieuwe stop van onze wandeling. Daar sta ik dan, tegen de draad van mensen hun achtertuin naar de kippen te wijzen. Het duurt vast nog maar enkele dagen vooraleer de politie mij komt vragen naar mijn intenties. DADA PAK! DADA NIJN!, roept hij wanneer ik hem toch eindelijk kan overhalen om huiswaarts te keren.

IMG_1782

Door te gaan wandelen, kon ik sowieso mijn hoofd al leegmaken. Maar met Kas gaan wandelen is bevrijdend en verrijkend tegelijk. Ik zie meer en ik ben zoveel minder met mezelf bezig, met wat er speelt in mijn leven en met wat er omgaat in mijn hoofd. Hij wil voortdurend dat ik meekijk en even verbaasd ben over alles wat er nu weer ons pad kruist. Ik kan me wel eens opnaaien in het extreem trage tempo van onze wandelingen (soms ben ik meer dan een uur weg en dan heb ik nog geen halve kilometer gedaan), maar als het me lukt om dat los te laten dan is het héérlijk om samen met hem het leven te ontdekken.

Gisteren gingen we met ons vieren wandelen in het bos. Elias in de draagzak tegen mij aan, Kas met zijn groene botten. We wilden hem oppakken op de moeilijke stukken want het was soms wel klimmen en de ondergrond was niet altijd even ideaal. Maar hij wou niet. “Nee, zellef”, zei ie.
En zo stapte hij 3 km met ons het bos door op zijn groene botten. Hij zwaaide naar het titui (vliegtuig), het vaap (schaap), de boo (boom), het paad (paard), de maais (maïs) en de popoen (pompoem). En zo begrijp ik eindelijk helemaal waar Paul Van Ostaijen het over had.

Marc groet ’s morgens de dingen

Dag ventje met de fiets op de vaas met de bloem
ploem ploem
dag stoel naast de tafel
dag brood op de tafel
dag visserke-vis met de pijp
en
dag visserke-vis met de pet
pet en pijp
van het visserke-vis
goeiendag

Daa-ag vis
dag lieve vis
dag klein visselijn mijn