Ouderzonden: Ira

Intussen zitten we al aan de voorlaatste blogpost in het kader van ‘ouderzonden’. Deze week gaat het over ‘IRA’ – ’t is te zeggen over woede, toorn, gramschap. De vraag die erbij hoort: “Wanneer komt er stoom uit je oren? Wanneer word je echt boos op de kinderen en hoe ga je daar dan mee om?”

Ik moet zeggen dat ik dit tot hiertoe de moeilijkste vraag van ze allemaal vond. Want toen ik zo eens stilletjes nadacht in mijn hoofd, besefte ik dat eigenlijk helemaal niet zo vaak boos word op mijn kinderen.
Dat betekent zeker niet dat ze altijd superbraaf zijn (Elias wel, maar dat telt niet). Kasper heeft zeker zijn streken en hij kan mij bij momenten echt moeiteloos het bloed vanonder mijn nagels halen. Dat doet hij bijvoorbeeld door te zingen van ‘Inne maaaaneschijn inne maaaaneschijn *mompelt onverstaanbaar* oppe raamkozijn’ te zingen wanneer hij eigenlijk van Slaap kindje Slaap zou moeten doen. Of wanneer hij zijn eten uit zijn bord schept en het naast zijn stoel op de grond laat vallen ‘voor de poes.’ Of wanneer hij ALLE pampers uit het mandje haalt omdat hij de onderste pamper voor de pop wil gebruiken. Of toen hij enkele weken geleden plots zijn broer begon te bijten wanneer ik even uit de kamer was.

Op die momenten komt er wel eens stoom uit mijn oren. Maar dan haal ik diep adem en dan zie ik al heel gauw in dat er doorgaans een duidelijke reden achter zijn gedrag zit. Hij wil effectief eten geven aan de poes en dat beest zit hem ook aan te moedigen door rond zijn stoel te draaien. En hij wil graag voor de pop zorgen zoals mama voor hem zorgt. En in het bijtgeval: ik begreep niet waarom hij opeens Elias pijn zou willen doen. Hij is eigenlijk altijd betrekkelijk blij geweest met zijn broer en hij vindt het vooralsnog meestal ok om rekening met hem te houden (behalve speelgoed delen, da’s nog een moeilijke). Ik vertelde hem heel duidelijk dat bijten niet mocht (ik probeer de boodschap nooit persoonlijk te maken dus ik zeg: “In dit huis doen wij elkaar geen pijn!”) en hij weende onmiddellijk dus hij wist best dat hij iets verkeerd deed. Toen hij het nog eens deed en ik hem daarna ook zijn tanden op elkaar hoorde slaan terwijl hij met de auto’s speelde, viel mijn frank. Ik vroeg hem of hij tandjespijn had en hij zei van ‘ja’. De opluchting was zichtbaar op zijn gezicht. We hebben dan samen een bijtring gekozen die hij leuk vond en sindsdien komt hij altijd vragen of hij op de aap mag bijten als hij pijn heeft. “Niet Elias bijten”, zegt ie dan, “echt niet.”

Ik geloof dus nogal sterk in grenzen aangeven op een positieve manier en zeker en vast zonder te roepen. Als ik merk dat hij over die grenzen gaat, dan ga ik altijd op zoek naar het achterliggende gedrag. Wanneer hij bijvoorbeeld dingen in het rond begint te gooien, dan is dat vaak omdat hij zich verveelt en even niet ‘tot spel komt.’ Als ik dan de tijd neem om hem weer op gang te zetten, dan is hij in geen tijd weer vertrokken en dan kan hij weer verder spelen. Mocht ik ervoor kiezen om mij op zo’n moment erg boos te maken, dan weet ik dat hij op zijn beurt luid zou antwoorden en zou huilen en dan zouden we nog verder van huis zijn. Tot hiertoe werkt mijn aanpak goed en ik voel mij er zelf ook het beste bij.

Die enkele keren dat ik wél echt boos word (en die zijn er), dan is er meestal een samenloop van omstandigheden. Ik ben heel moe, de dingen lopen niet allemaal even vlot, iedereen heeft tegelijk verdriet, niemand wil slapen behalve mama, de eieren vallen kapot op de keukenvloer, ik kan even zijn zeurstemmetje niet aan en het lukt me niet om hem te vragen om het op een andere manier te zeggen. Als ik dan boos word (omdat ik reageer vanuit vermoeidheid, frustratie, ergernis), dan voelt Kasper dat onmiddellijk dat er emotie zit achter wat ik zeg. Hij voelt het feilloos aan wanneer ik niet helemaal goed in mijn vel zit en dus niet stevig in mijn ‘leider’schoenen sta. Hij merkt dat ik de situatie minder onder controle heb dan anders, hij weet dat hij me wat uit mijn lood kan slaan. Kinderen hebben daar voelsprieten voor en mijn oudste zoon heeft twee sets gekregen denk ik soms. Hij reageert dan vaak met dezelfde dingen die hij dan op mijn gezicht ziet: frustratie, verdriet, ergernis. Ik zeg hem dan: mama gaat nu even hier zitten tot ze weer kalm is en dan kom ik jou helpen. Of soms ga ik heel traag het afval sorteren en probeer ik mij te concentreren op wat ik buiten hoor (en niet op wat er in mijn hoofd rond zoemt). Achteraf verontschuldig ik mij want ik vind het belangrijk dat hij leert dat iedereen fouten maakt en dat dat mag, maar dat je verontschuldigen wel belangrijk is.
“Sorry Kasjebasje”, zeg ik. “Dikke kus op geven, mama”, zegt hij. Dan moet ik soms bleiten omdat hij het snapt en omdat hij lief en zoet is.

Afgelopen vrijdag riep hij me opeens (ik was aan het werk in de woonkamer). Aan zijn smoel kon ik zo zien dat hij gekleurd had en dat hij wist dat het niet was op de daartoe voorziene plaats (oppe blad teken mama!). Hij had op de kast van zijn keuken getekend. Ik deed van “Kasper?” (met één hand in de zij, dat spreekt). Hij zei: “Ja?” – de tactiek van krommen aas – as usual. Ik keek heel verontwaardigd naar zijn schrijfsels op de kast. “Oh!”, zei hij, alsof hij plots weer besefte waarom hij mij geroepen had, “kijk, naam mama schrijven!”. Ik zei dat ik het heel tof vond, maar dat het toch echt niet mocht op de kast. Ik vroeg hem hoe we dat nu samen zouden kunnen oplossen want ja, nu was er natuurlijk wel op de kast getekend. Zonder iets te zeggen, liep hij naar de keuken en haalde hij er een propere vod uit. “Kas pjoper maken!” zei ie. En als niet getuigt van het feit dat mijn aanpak van ‘samen problemen oplossen’ werkt, dan toont het tenminste dat hij weet waar de vodden liggen. En dat is toch ook al wat.

 

Disclaimer: voor de moeder die onzeker wordt na het lezen van dit berichtje – het is niet altijd zo. Ik verlies mijn geduld ook regelmatig. Ik denk soms ook: kan ik niet beter gewoon even luid schreeuwen zodat ie zijn bek houdt? Want eerlijk, deze aanpak vraagt erg veel. En soms gaat hij de vod niet halen als hij iets vuil maakt en dan moet ik al zijn rommel opkuisen. En soms dan roept hij tegen mij omdat hij zijn zin niet krijgt. Maar soms dan lukt het, zoals ik hierboven beschreef en dan ben ik weer helemaal overtuigd van deze aanpak. En als jij het graag anders doet, lieve andere mama, en jij bent daar gelukkig mee dan is dat allemaal net zo goed. Ik ben er zeker van dat jij het allerbeste voorhebt met je kind(eren). 

IMG_6295

 

 

 

Advertenties

4 gedachtes over “Ouderzonden: Ira

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s