Time flies when you’re havin’ fun- Kasper is 1 jaar!

Lieve Kasper

Een jaar geleden om klokslag 22.00 kwam jij voor het eerst in ons leven. We hadden – naar mijn gevoel – honderd jaar langer moeten wachten dan voorzien, maar daar was je opeens en je overtrof al onze verwachtingen. Ik snuffelde aan je gezichtje, ik wreef over je handjes en je teentjes, ik keek je aan en ik wist meteen dat je bij ons hoorde. We waren heel voorzichtig met jou in het begin. We gaven je traag en omzichtig aan elkaar door, bang om je te breken. Ook al was je met je 3,8 kilo zeker geen klein baby’tje. Ik deed geen oog dicht die eerste uren. Ik wilde veel liever kijken naar hoe jij zo vredig lag te slapen. Ik vroeg of ik je uit je bedje mocht pakken en besefte toen dat ik dat niet hoefde te vragen want jij was helemaal van ons. Er kwamen veel mensen op bezoek en je sliep verder in iedereen zijn armen.

Die eerste weken waren een rollercoaster van emoties. Ik was onwaarschijnlijk gelukkig, ik was nog nooit in mijn hele leven op iets of iemand zo trots geweest, ik was zo onwaarschijnlijk dankbaar dat je gezond was, maar tegelijk was ik ook vaak erg onzeker, voelde mijn hoofd soms als een gevangenis en dacht ik weemoedig terug aan de tijd waarin ik elke dag uren had die ik zelf kon invullen. Nochtans was je zeker geen huilbaby. Je at meestal goed en je sliep zoals een baby die net geboren is doorgaans slaapt: in blokjes van een uur of drie. We mochten dus zeker niet klagen en dat deden we ook niet, maar de aanpassing naar een leven met kind is toch een van de grootste aanpassingen die ik ooit deed.

Al van voor je er was, leerde je me belangrijke lessen. Je leerde me geduldig zijn door 100 jaar later geboren te worden dan voorzien. En je leerde me loslaten. Ik moest immers aanvaarden dat ik wat jouw geboorte betrof niets in de hand had en dat het aan Moeder Natuur was om te beslissen. Die lessen zijn na 26.12 nog vaak van pas gekomen. Ik ben niet de meest geduldige mens op aarde. Concreet betekent dat dat ik waarschijnlijk één van de ongeduldigste mensen op aarde ben. Maar voor jou heb ik geduld met hopen. Ik heb geduldig met je op mijn arm rond gelopen tot jij je kon overgeven aan de slaap. Ik heb zo vaak het flesje terug in je mondje gestoken omdat ik wou dat je iets zou drinken. Ik heb je uren getroost wanneer krampjes je parten speelden die eerste weken van je leven. Ik heb wel duizend keer voor je gezongen van dokter Grijzebaard – wiezewiezewies bom bom. En op momenten dat het geduld op was – en die waren er hoor, lieve beer – dan duffelde ik je warm in en dan wandelden wij kilometers ver door Halen tot jij in slaap viel en ik alleen maar stilte hoorde.


Die 14 weken met ons twee gingen tegelijk heel snel en heel traag. Er waren dagen dat ik altijd alleen met je was en dat de tijd voorbij kroop. Maar toch voelde het alsof ik maar even knipperde met mijn ogen en ik moest je al naar de onthaalmoeder brengen. Gelukkig voelde ik meteen dat je daar in goede handen was. Bij Veronica is van bij de start ruimte geweest voor warmte, voor knuffelen, voor op de arm liggen toen je nog moest wennen, voor je eigen tempo. Zo’n onthaalmoeder is goud waard en het deed mijn prille moederhart zo’n deugd dat ze me de eerste dagen wel 10 sms’jes stuurde om te laten weten dat je at en sliep en lachte. En op lastige momenten is er altijd Frank – giraf op rust – jouw beste vriend. Al één jaar slapen jullie elke nacht met zijn tweetjes in hetzelfde bedje. Al één jaar streel jij zijn pootje tot hij in slaap valt. Of is het omgekeerd?

img_6862

Toen je een maand of vier oud was, begon de tijd pas écht te vliegen. Je at je eerste keer groentepap (totale ramp), je at de tweede keer groentepap (nog erger dan de eerste keer – die lessen in geduld kwamen alweer van pas), je ging voor het eerst mee naar een groot feest toen je peter trouwde, je supporterde mee voor de Rode Duivels en plots was je een half jaar oud.

Toen brak de zomer aan en die was werkelijk fan-tas-tisch, lieve schat. We waren onder ons drietjes en genoten van onze tuin en van de traagheid die bij vakantie hoort. We trokken er samen op uit. We gingen een weekend naar Ieper en vertrokken met een auto zo vol alsof we voor 4 weken naar een onbewoond eiland gingen. Waar is de tijd dat ik alleen mijn eigen jas moest aandoen, mijn sjakosj moest meepakken en in de auto kon stappen en vertrekken? Het lijkt soms eeuwen geleden.
In de zomervakantie maakte je grote sprongen. Je kon plots zitten, je kreeg twee tandjes tegelijk en je kroop voor het eerst onze living door. Ik prijs me gelukkig dat ik de eerste was om al die mijlpalen te zien. In een tijd van veel werk, sociale verplichtingen en een gsm die altijd wel een newsflash stuurt, moet ik er vaak over waken dat ik naar de juiste zaken blijf kijken. Nochtans is het ook met die vervloekte gsm dat ik het voorbije jaar wel 1000 foto’s van jou heb genomen. Op momenten dat je er niet bent of wanneer je in je bedje ligt, kan ik me uren zoet houden met nog eens door al je foto’s te scrollen. Ik toon die dan aan je vader en dan grijnzen we domweg naar elkaar – zo content dat wij samen horen.

Ook in het najaar zat je niet stil. Je kon plots alleen staan, je schuifelde voort langs de meubels, je stapte trots achter je auto aan en opeens liet je los en wankelde je op je eentje verder. Ik veegde mijn hart bij elkaar. Plots was je echt helemaal geen baby meer. En hoewel het fantastisch is dat je telkens nieuwe trucjes kan, vind ik het toch het allerleukste om je elke dag een beetje beter te leren kennen.

Je bent een vrolijk kindje, lieve Kas, vooral als je in je eigen habitat bent. Dan ben je voortdurend aan het tateren. Maar als je ergens bent waar er veel mensen zijn of waar je niet zo vaak komt, dan word je stil en kijk je liever de kat uit de boom. Je bent een grote knuffelaar. Je vindt niets leuker dan tegen iemand aan te mogen liggen en opgepakt te worden. Dan sla je je kleine armpje rond mijn nek en wijs je met je ander handje waar we best naartoe zouden gaan. Je kijkt graag mee als ik aan het koken ben. Dan trek je je recht aan mijn benen en schommel je heen en weer op je voeten tot ik je van miserie op pak. Je duwt graag  op het knopje van de radio en kijkt me dan verwonderd aan wanneer er plots muziek uit de boxen komt. Je zegt van ‘mamamama’ en ‘papapapa’ en je wacht aan de deur wanneer één van ons twee even naar boven gaat. Als je ‘s nachts verdrietig bent en papa neemt je mee naar ons bed, dan lach je luidop van contentement dat je bij ons mag liggen. Je nestelt je tussen ons in, je houdt met elk handje één ouder vast en je knort rustig verder. Je houdt veel van muziek en je kan niet stil zitten als je een liedje leuk vindt. Je kijkt graag in boekjes, je wappert met je handjes als je naar Bumba mag kijken, je steekt wel honderd keer iets in de doos om het er meteen weer uit te halen. In de doos – doos dicht – schudden – alles eruit.

Vandaag word je één jaar, mijn oogappel. Wij werden vorig jaar samen met jou als ouders geboren. Dat betekent dat we – net zoals jij – nog alles moesten leren. Er zijn momenten dat ik denk dat ik het kan, dat ik het onder controle heb en dat ik een goede mama voor je ben. Maar er zijn net zo goed momenten dat ik het gevoel heb dat ik rond ploeter, dat ik niet streng genoeg voor je ben of net te streng, dat ik mijn prioriteiten verkeerd leg, dat ik te weinig écht aandacht voor je heb. Ik denk dan terug aan de lessen die je me leerde nog voor je geboren werd, en ik probeer geduld te hebben met mezelf en los te laten.

Vandaag ben je al één jaar, lieve beer. Al één jaar ben jij het middelpunt van onze wereld. Al één jaar draait voor mij alles om jou. Al één jaar mag ik jouw mama zijn. Wat is dat jaar snel omgevlogen. Het was nog maar gisteren dat ik je voor het eerst in mijn armen had. Zo blijkt ook dat cliché over het ouderschap heel erg waar te zijn.

Vandaag ben je nog maar één jaar, kleine Kassieman. Dat is niks in een mensenleven. Je zal je waarschijnlijk niks herinneren van het voorbije jaar. Maar later als je groter bent, dan zal ik je er alles over vertellen. Dan zal ik vertellen over hoe hard we moesten lachen samen, over hoe we soms ook samen huilden, over hoe vaak wij over je bolleke streelden, over hoeveel kusjes wij je gaven, over hoe vaak ik jou vastpakte en papa dan zijn armen om ons twee sloeg, over hoe we dagelijks tegen elkaar zegden dat wij zo’n topkind hadden gemaakt, over hoe mooi wij jou vinden, over hoe blij wij met jou zijn en over hoe ontiegelijk graag wij jou zien – vanaf de allereerste minuut.

Hieperdepiep, zonnekind, hieperdepiep HOERA!

20161104kasper20

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s