10 maanden moederschap in cijfers

12 maanden geleden zag ik er nog zo uit:

img_2795

We telden toen de dagen af naar de geboorte van onze zoon. Nog 52 dagen moesten we wachten op het moment dat de foto genomen werd. Dachten we. Die koppigaard van ons maakte er 61 dagen van. Dat betekende niet alleen dat wij extra geduld moesten hebben (één van mijn vele specialiteiten) maar ook dat ons kindje nooit ‘klein’ is geweest. Kasper woog 3,8 toen hij geboren werd en was daarmee meteen de helft van mijn totaal aangekomen gewicht. Een mini-baby heb ik dus nooit gehad.

Nu 10 maanden later is er van een mini-baby al helemaal geen sprake meer.
Oordeel vooral zelf:

img_2658

De laatste keer dat ie gemeten werd, was hij 74 cm lang en woog hij 9 kilo droog aan den haak. Dat is meer dan een maand geleden dus vermoedelijk is hij alweer groter en zwaarder geworden.
Naast zijn gewicht en zijn lengte heb ik de voorbije maanden nog wel wat gegevens verzameld. Ik breng voor u graag een overzicht van enkele algemene conclusies die ik meen te kunnen trekken na het grondig analyseren van het verzamelde cijfermateriaal.

Het aantal keer dat ik per dag stofzuig is exponentieel toegenomen. Ik vind stofzuigen echt een vreselijk taakje. Ik ben een perfectionist op bijna alle vlakken in mijn leven, maar als ik moet stofzuigen dan zet ik niks omhoog en stofzuig ik overal omheen. Hef bij ons dus thuis vooral niks op en dan zal u altijd denken dat het geweldig proper is. De reden waarom ik nu soms tot 4 keer per dag moet stofzuigen is de volgende:

Processed with VSCO with f2 preset
Het stuk in de rechterhand wordt doorgaans opgegeten. Kasper plukt er kleine stukjes van en steekt die in zijn mondje. Mama is blij en aait over zijn bolleke. Het stuk in de linkerhand, daar heeft hij een ander plan mee. Hij pakt het in zijn twee pollen, scheurt het aan flarden, legt de stukjes op zijn tafeltje en veegt dan met één arm heel den boel de grond op. Mama is boos en vraagt uitdrukkelijk van dat niet meer te doen. Kasper is volstrekt niet onder de indruk en eet smakelijk verder. Wanneer hij besloten heeft dat hij genoeg heeft, wordt de overschot stukje per stukje op de grond gegooid. Hij doet dat heel bewust – alsof hij telkens opnieuw een soort van fysische zwaartekrachttest aan het doen is. Het resultaat op een goeie dag ziet er zo uit:

Processed with VSCO with c1 preset

Van het resultaat op een slechte dag heb ik voorlopig geen beeldmateriaal aangezien ik dan te druk bezig ben met stukken brood van de vloer te rapen en kindvriendelijke scheldwoorden als daar zijnde ‘sappertwee!’ te zeggen.

Ook het aantal gelezen kinderboeken gaat in stijgende lijn. Ik lees zelf al erg veel, en sinds enkele weken blijkt dat ik toch dat tenminste aan mijn zoon heb doorgegeven. Als ik hem op de grond zet, dan kruipt hij onmiddellijk naar de zetel. Op de rand van de zetel ligt immers zijn lectuur. Hij trekt zich op, kiest het gewenste boek en maakt lawaai tot ik begrepen heb dat ik moet komen helpen om de bladzijden om te slaan. Het lukt hem eigenlijk zelf al vrij goed om ze om te slaan, maar het gaat natuurlijk sneller wanneer ik dat doe. Zeker aangezien hij intussen vaak nog andere dingen in zijn pollekes heeft die hij per se wil vasthouden.
Processed with VSCO with c1 preset

Hij leest echt énorm graag. Telkens als we het blad omslaan, roept hij keiluid, moet hij hard lachen en valt hij bijna om van plezier. Hij kan intussen overal de bal aanwijzen als hij het geduld heeft om te kijken tenminste. Soms wil hij gewoon naar de prentjes kijken en roepen. Ik vind het echt zo fijn dat hij zo van lezen houdt en ik hoop dat dat altijd zo zal blijven.

In de categorie ‘zwaaien naar poezen’ werd zopas een nieuw record opgetekend.
Onze leenkat komt nog steeds elke dag trouw bedelen om eten. Ik heb de kattenhater in een zwak moment zover gekregen om ook katteneten mee te brengen. Kasper en ik wreven zelfgenoegzaam in onze vuistjes. De kat komt nu ongeveer twee keer per dag voor het raam zitten en staart dan als een creep naar binnen tot hij eten krijgt. Ik zet zijn kommetjes altijd op de vensterbank zodat Kasper hem goed kan zien. Als hij klaar is, doe ik altijd even het raam open en dan aaien we samen de kat. Vanmorgen wilde de kattenhater dat vermoedelijk ook eens proberen want plots werd ik naar beneden geroepen omdat de kat binnen was gesprongen en de bange kattenhater het hoofd niet kon bieden aan deze desastreuze situatie. Terwijl de kattenhater zich angstig op de achtergrond hield, kon het kleine mensenkind zijn geluk niet op. Ik heb de kat dan vriendelijk het raam weer aangewezen en ze sprong vanzelf weer naar buiten. Eind goed al goed. Daarna heeft het mensenkind nog een kwartier vanuit zijn stoel naar de kat gezwaaid en van HAAAAAAAAAAA! DAAAAAAAAAAAAAA! SJ! SJ! SJ! geroepen. En zo gaat het ongeveer twee maal daags.

Processed with VSCO with f2 preset

Een sterke daling zien we ter hoogte van ‘vrije tijd voor mezelf’. Daar zijn de cijfers echt heel duidelijk over. Als we er de tabellen bijhalen dan zien we dat er op dit gebied nooit een lager cijfer bereikt werd. Ik heb nog nooit zo snel gedoucht, zo vaak opgestaan tijdens het eten, zo weinig in één keer een film uitgekeken wegens moe, zo veel uitgesteld, zo weinig met mijn lief ergens heen geweest, … als de voorbije tien maanden. Het ouderschap is werkelijk een aanslag op uw sociaal leven en al zeker op me-time. Dat wist ik van tevoren en daar had ik ook echt vrede mee. Toch ben ik de eerste weken door een ‘rouwperiode’ gegaan. Ik besefte dat er nog weinig tijd over zou zijn om de gewone dingen te doen die ik zo graag doe met Wout: samen koken, samen tv kijken, lange gesprekken voeren over dingen die ons bezig houden, langs elkaar prutsen, zomaar onvoorbereid ergens heen gaan, .. Bovendien stootte ik zo vaak op het feit dat kiezen verliezen is. Er is maar zo weinig vrije tijd en als ik iets voor mezelf doe kan ik niks doen met vrienden of met mijn lief.  Het heeft me toch even gekost om dat te aanvaarden. Gelukkig heb ik altijd redelijk goed prioriteiten kunnen stellen en gelukkig is het nu ook al een pak makkelijker om voor mezelf te kiezen dan in het begin. Maar het is toch anders en dat zal het vermoedelijk nog een hele poos blijven.

Maar vorig weekend trok ik met mijn broer naar Berlijn en besefte ik nog maar eens wat ik al wist: dat je het soms toch gewoon moet doen want dat het zo plezant is om even weg te zijn. Er komt weer zuurstof in het koppeke en het weerzien is eens zo leuk. Ik ging dan nog eens naar een stad waar ik nooit eerder was met één van mijn lievelingsmensen dus dat was helemaal geweldig. We hebben de hele stad doorkruist, Simon heeft me Chai Latte’s leren drinken (hoe lekker is dat jong?!), we hebben hard gelachen en het deed goed om te beseffen dat wij moeiteloos met zijn twee ergens heen kunnen gaan. Ik heb dat niet bij zo heel veel mensen dus ik koester het graag bij diegenen bij wie ik het wel heb.

img_2530

Algemeen kunnen we concluderen dat de cijfers zijn zoals ik ze verwacht had. En toch ook weer helemaal niet. Een aantal zaken aan het moederschap had ik van mijlenver zien aankomen (weinig tijd voor jezelf bijvoorbeeld), en toch is het vaak ook helemaal anders dan ik me had ingebeeld. Ik dacht op voorhand een idee te hebben van hoe graag je iemand kan zien en hoe fier je op iemand kan zijn. Ik zie bijvoorbeeld heel wat mensen graag en ik ben vaak heel fier op mijn geliefden. Maar toch is het bij mijn zoon nog helemaal anders.
Toen hij voor het eerst kroop, viel ik bijna om van fierheid. En toen hij een tijd geleden besefte dat hij in zijn handen kon klappen en er een brede glimlach op zijn smoel verscheen, liepen de tranen over mijn wangen van contentement.

Elk stapje dat hij zet is tegelijk heel klein (want ik ken toch vooral mensen die in hun handen kunnen klappen) en toch ook heel groot (want hij kon het ervoor nog niet en nu plots wel). Dat ik daar telkens deel van mag uitmaken, dat vind ik één van de schoonste dingen aan het moederschap. Dat hij zich aan mij vasthoudt als hij schrikt van iets wat hij zelf plots blijkt te kunnen en dat ik dus zijn reddingsboei ben, dat vind ik één van de schoonste rollen die ik heb in mijn leven. Dat hij zo blij kan zijn als hij mij ziet dat hij als de weerlicht op me af komt gekropen, dat vind ik één van de schoonste complimenten die ik ooit kreeg.

Voor Kaspers doop, koos ik dit lied van Randy Newman. Elke keer als ik het hoor, kan ik zo ongelooflijk ontroerd zijn. Omdat het een lied is waarvan ik zeker weet dat papa het leuk vindt dat ik het aan Kasper opdroeg. En omdat Randy Newman het ouderschap in twee minuten weet te vangen in een schoon beeld van een vader die zich boos maakt om de rommel van zijn zoon, die gauw wat levenswijsheden mee geeft (a quitter never wins – a winner never quits/ when the going gets tough – the tough get going) aan het kind en dan nog even langs zijn neus weg perfect weet te verwoorden hoe ik me zo vaak voel:

Maybe you don’t know how to walk, baby
Maybe you can’t talk none either

Maybe you never will, baby
But I’ll always love you
I’ll always love you

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s