Haarlak en hespenworst

“En nog 100 gramme hespenworst”, zei ze terwijl ze een opgefrommeld plastieken haarkapje uit haar handtas tevoorschijn toverde.Ik stond achter haar in de supermarkt. Ze vulde de hele ruimte met de geur van haarlak. Ze had zich wat te oranje gepoederd. Het maakte me niet uit, ze had mijn hart al gewonnen want het was vrijdag en ze was duidelijk naar de kapper geweest voor haar permanent.

Mijn grootmoeder deed dat namelijk ook – iedere vrijdag. Om stipt 13.00 kwam ze thuis aan. Ze liet zichzelf binnen en als ze niemand aantrof in de woonkamer, dan schalde ze haar ‘koekoek’ in de traphal tot er antwoord kwam. Ze ging – zoals elke vrijdag – naar de kapper bij ons in de straat. En ze kwam – zoals elke vrijdag – ‘evekes’ binnen voor ze ging.
Ze had zich – zoals elke vrijdag – een beetje te hard gepoederd. Ongeveer twee uur later vulde ze ons huis met de geur van vers gespoten haarlak. Na haar kappersbezoek ging ze door naar de supermarkt samen met mijn moeder. Ze deed de wekelijkse inkopen en las haar benodigdheden af van het lijstje dat ze schreef in schoonschrift, zoals ze het geleerd had in het eerste leerjaar.

Ze reed met een rode Renault, zonder servo-stuur. Als ik haar aan haar stuur zag draaien, dan dacht ik altijd dat het 100 kilo woog. Ze gaf te veel gas in eerste en te weinig tweede. Ze pinkte naar links 800 meter voor ze naar links moest. Ze reed 30 waar je 50 mocht en 50 waar je 70 mocht. Maar ze reed. Zelf. Dat leerde ze nog toen ze 60 was. Zo was ze na zoveel jaren niet meer afhankelijk van mijn grootvader om ergens te geraken.

Na het winkelen stopte ze weer even thuis. Ze telde met mama uit wie elkaar wat nog verschuldigd was – tot op 2 cijfers na de komma. Ze cijferde op de achterkant van de rekening. Ze schreef alles recht onder elkaar en telde luidop. Soms ging ze even zitten. Dan keek ze rond. Ze vroeg hoe het op school was en of ik graag ging. “Ge moet maar goed uw best doen” zei ze, “op school” – om zeker te zijn dat we het over hetzelfde hadden. Ze vroeg ook nog toen ik al naar ‘t unief ging of er fijne kindjes in mijn klas zaten. En of ik nog graag ging, naar’t school.

Daarna vertrok ze weer. Ze keek naar links en naar rechts voor ze rond de wagen wandelde om in te stappen. Ze deed haar gordel aan nog voor ze de auto startte. Netjes zoals de wet dat voorschrijft. Ze keek in haar spiegel voor ze uit haar parkeerplaats reed. Ze draaide heel traag aan het zware stuur. Ze gaf te veel gas in eerste en ze vertrok.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s